Snelle toetsen

De jonge impressionisten die omstreeks 1860 naar buiten trokken om te schilderen, zagen hoe de kleuren van het landschap door de stand van de zon en de weersomstandigheden voortdurend veranderen. Zij probeerden dat ter plekke op hun doek vast te leggen. Dat verklaart de haastige manier van schilderen en de onscherpte van hun voorstellingen.
Verftube
Eeuwenlang waren kunstenaars door hun materiaal aan hun atelier gebonden. Met de uitvinding van de verftube in 1841 door John Goff Rand, werd het mogelijk buiten te schilderen. Verf in een tube droogt niet uit en kan in handzame hoeveelheden worden meegenomen. Dat had grote invloed op de ontwikkelingen in de beeldende kunst van de 19de eeuw, waaronder op het impressionisme. ’Zonder tube geen impressionisme’, stelde zelfs de Franse schilder Renoir.
Slechts een impressie
Impressionisme was aanvankelijk een negatieve benaming. De naam is ontleend aan een schilderij van Monet, ’Gezicht op Le Havre’. De samenstellers van een tentoonstelling waar het werk voor het eerst geëxposeerd werd, vonden dat je niet goed kon zien dat het Le Havre moest voorstellen. Monet gaf het schilderij daarom de titel: ’Impression, soleil levant’ (Impressie, zonsopgang). De criticus Louis Leroy gebruikte de term vervolgens voor een satirische beschrijving van het werk in het tijdschrift Le Charivari: het stelt niet zo veel voor, het was slechts een impressie.
Post-Impressionisme

De schilderijen van de generatie Franse schilders na de impressionisten doen minder vluchtig aan dan die van hun wereldberoemde voorgangers. Het zo direct mogelijk naar de werkelijkheid schilderen maakte plaats voor een meer bedachtzame observatie, waarbij technische aspecten als kleurgebruik en vormvastheid belangrijk waren. Paul Signac behoort met de jonggestorven Georges Seurat tot de grote voorvechters van het pointillisme, een op kleurtheorieën gebaseerde techniek waarbij ongemengde verf in gelijkmatige toetsen wordt opgebracht en kleuren zich van een afstand gezien optisch mengen.
Alternatieve Salons
Op de officiële Salons, de tentoonstellingen die door de Academie van Parijs werden georganiseerd, werd vooruitstrevende en vernieuwende kunst werd vaak geweigerd. De ontwikkeling van de moderne schilderkunst in de 19de eeuw hangt nauw samen met het verzet tegen deze behoudende smaak van de Salons. Zo werd in 1863 een officiële ‘Salon de Refusées’ (Salon der geweigerden) opgericht voor alle kunstenaars die protest hadden aangetekend tegen de weigering van hun werk op de Salon. Deze alternatieve salon zorgde voor veel commotie en spot, maar bracht ook belangrijke nieuwe ontwikkelingen voor het voetlicht. Veel van de impressionisten zouden hun werk tentoonstellen in latere edities van de Salon des Réfusées in 1874, 1875 en 1886. Signac behoorde tot de oprichters van de Société des Artistes Indépendants in 1884. Zowel Marquet als Dufy hebben op deze salons geëxposeerd.
objecten
.










