Schilderen in de buitenlucht

Dankzij de uitvinding van de tube verf, omstreeks 1850, konden schilders hun verf meenemen zonder dat deze uitdroogde. Het in de open lucht en op locatie schilderen werd hierdoor een stuk makkelijker en nam een hoge vlucht. Echter, de Haagse School schilders maakten onderscheid tussen ter plaatse ontstane kleine, vlot geschilderde studies en meer doorwerkte doeken op groot formaat die meestal in het atelier tot stand kwamen op basis van schetsen en studies.
De ‘Tachtigers’

Naast Den Haag was in de jaren 1880 Amsterdam het belangrijkste culturele centrum van Nederland. Amsterdamse kunstenaars als George Hendrik Breitner en Isaac Israëls hanteerden een vergelijkbare losse schilderstijl als de kunstenaars van de Haagse School, maar kozen veelal stedelijke taferelen als onderwerp. Nadat Breitner in 1886 vanuit Den Haag naar Amsterdam vertrok, kwam hij in contact met ‘De Tachtigers’ een groep vooruitstrevende dichters en schrijvers.
afbeeldingen
.








