Aardewerk en keramiek

Museum Boijmans Van Beuningen bezit een omvangrijke collectie aardewerk en keramiek daterend van de middeleeuwen tot nu. Op deze themapagina worden enkele begrippen toegelicht.

 

Zuid-Europese keramiek

Vaatwerk van tinglazuuraardewerk (majolica) werd in de late middeleeuwen vanuit Spanje en Italië naar het noorden van Europa geïmporteerd. Karakteristiek voor de Spaanse keramiek is het gebruik van goudlusterglazuur, als imitatie van metaal (goud en koper). Deze techniek vindt zijn oorsprong in het Midden-Oosten en werd in de 11de eeuw door Islamitische pottenbakkers in Spanje (Valencia en Manises) geïntroduceerd.

Majolica

In Italië kwam de productie van rijk gedecoreerd tinglazuuraardewerk (majolica) in de 16de eeuw tot grote bloei. Apothekerspotten, schotels, kannen en tegels sierden de interieurs van de welgestelden. Het bekleden van wanden met tegels vindt zijn oorsprong in het Midden-Oosten. Via Turkije, Spanje en Italië werd dit fenomeen in het noorden van Europa geïntroduceerd. Florence en omgeving (Montelupo), Gubbio, Faenza en Deruta waren de belangrijkste Italiaanse productie- en exportcentra van majolica in de 16de eeuw.

Istoriato

In Italië werd in de eerste helft van de 16de eeuw voor decoraties van aardewerk de zogenaamde istoriatostijl ontwikkeld. Historische, mythologische en bijbelse voorstellingen werden vaak over het gehele oppervlak van een schotel geschilderd. Urbino was het belangrijkste productiecentrum. De bekendste istoriatoschilders waren Nicola di Urbino (de uitvinder van deze stijl), Francesco Xanto Avelli, Giorgio Andreoli, Francesco Urbini en Guido Durantino.

Majolica en Delfts aardewerk

Door de import van het Chinese Wan-li porselein voelden Hollandse pottenbakkers zich genoodzaakt hun producten te vernieuwen. In navolging van Chinese decoraties werden schotels, kommen en kannen vanaf 1620 uitbundig versierd met aan porselein ontleende versieringsmotieven. Zo ontstond een interessante mix van overgenomen boeddhistische symbolen, bijbelse taferelen en Hollandse landschappen.

Pronkaardewerk

In het noorden van Europa werd de productie van majolica aanvankelijk door gemigreerde Italiaanse decorateurs geϊntroduceerd, eerst in Antwerpen en later in Rotterdam, Delft, Antwerpen en Haarlem. Onder invloed van de renaissance brachten ook Rijnlandse steengoedbakkers hun luxe producten in de 16de eeuw tot bloei. Soms werden deze voorzien van edelmetalen monturen. In het zuidwesten van Frankrijk, in de Saintongestreek, werd kleurrijk aardewerk geproduceerd onder aanvoering van de befaamde meesterpottenbakker Bernard Palissy (ca. 1510-1590).

Keramiek uit het oosten

Europa maakte vanaf het eind van de 15de eeuw kennis met Chinees porselein. Italiaanse en later ook Portugese en Spaanse handelaren verkochten dit ‘witte goud’ aanvankelijk sporadisch in onze streken. Chinees en later ook Japans porselein kwam pas massaal beschikbaar na de veiling van een buitgemaakte lading Portugees porselein in Middelburg in 1602. Turks aardewerk afkomstig uit Iznik verscheen vanaf de 16de eeuw voor het eerst in Nederland als importkeramiek en sierde de woningen van rijke Hollandse stadsbewoners.

Sluiten

Mijn Boijmans

spring naar boven

spring naar boven