Ask anything

No questions have yet been asked about this object.

loading..

Thank you. Your question has been submitted.

Unfortunately something has gone wrong while sending your question. Please try again.

Back

Ceremonial object
Download

Request high-res image

The inscription on the back of this sheet states that this elegant Mercury was sent as a letter by Gerrit Pietersz to the Utrecht silversmith Adam van Vianen. At top left on the front he wrote that he hoped Mercury would bring his colleague good fortune. As the artful god of eloquence and art, Mercury made an ideal messenger for bringing good wishes to a fellow artist. The remarkably swift and lively draughtsmanship makes this a highlight in Pietersz’s drawn oeuvre.


Specifications

Title Mercury
Material and technique Pen and brown ink, brown wash
Object type Drawing
Location This object is in storage
Dimensions (Sheet) Height : 243 mm
Width : 195 mm
Makers Draughtsman: Gerrit Pietersz.
Accession number MB 1975/T 28 recto (PK)
Credits Aankoop / Purchase: 1975
Department Drawings & Prints
Acquisition date 01-07-1975
Age maker Between 20 and 30 years old
Signature Signed and annotated 'Sr Vianen laet u / desen mercurius inde Engelen / banck leijden /GP [ligature]' (recto, at upper right, in pen and brown ink)
Watermark Small crowned letter B (44x26mm, near the centre, on P3-4 from the left; vH, 7P, folio). [AE] [for image click thumbnail above the 'zoom in' option]
Provenance Ernst Jürgen Otto (20th c.), Celle (near Hannover); art dealer P&D Colnaghi, London (1960); (?) E. Perman, Stockholm, his sale, Amsterdam (Mak van Waay), 10 June 1975, no. 9 (Gerrit Pietersz), acquired by the museum
Exhibitions De Collectie Twee - wissel II, Prenten & Tekeningen (2009)
Research Netherlandish Drawings of the 15th and 16th Centuries.
Literature Ter Molen 1984, vol. 1, p. 31, 67, 97, n. 399; W. Robinson in Washington/New York 1986, no. 95; Van Thiel 1987, pp. 357-359, 367, n. 16; Boon 1992, p. 287, under no. 158; Amsterdam 1993, no. 37; Turner 1996, vol. 24, p. 778: Van Thiel 1999, pp. 74, 168
Material Pen > Writing materials > Desk accessories > Work > Utensil
Brown ink > Ink > Artist's material > Material > Material and technique
Object Drawing > Two-dimensional object > Art object
Technique Brown wash > Washing > Wash > Drawing technique > Technique > Material and technique
Geographical origin Northern Netherlands > The Netherlands > Western Europe > Europe

Entry catalogus Netherlandish Drawings of the Fifteenth and Sixteenth Centuries

Author: Yvonne Bleyerveld

This description is currently only available in Dutch.

Getekend is een zwierige Mercurius met opgeheven hoofd, opgezet in korte, snelle pennenstreken en herkenbaar aan zijn caduceus en de vleugels aan zijn puntige hoed en hielen. Zijn wapperende mantel is in enkele lijnen neergezet en met donkere wassingen gekleurd. Daarboven de opdracht: Sr Vianen laet u/ desen mercurius inde engelen/ banck  leijden, ondertekend door GP, ofwel Gerrit Pietersz. Het blad is als brief verstuurd, zoals blijkt uit de twee horizontale vouwen aan de voorzijde en de tekst aan de achterzijde: de tekening was in drieën opgevouwen en gericht aan de Eersamen Jongman/ Adam van Vianen/ tot Utrecht. Een Duitse tekst aan de voorzijde rechtsonder is geschreven in een andere hand en maakt duidelijk dat de tekening later toegeschreven is aan Cornelis van Poelenburch, waarschijnlijk omdat de initialen GP abusievelijk als CP gelezen zijn.

De Utrechtse goud- en zilversmid Adam van Vianen (1566-1627) was de oudere broer van de edelsmid en tekenaar Paul van Vianen. Terwijl Paul internationaal carrière maakte en jarenlang aan het hof van keizer Rudolf II in Praag werkzaam was, werkte Adam zijn hele leven in zijn geboorteplaats Utrecht – hij was zowel bierbrouwer als edelsmid. Er zijn diverse aanwijzingen dat hij contacten onderhield met kunstenaars in Haarlem, waarvan deze tekening van zijn generatiegenoot Pietersz er één is.1 Waarschijnlijk tekende Pietersz de Mercurius in 1593 of daarvoor.2 In die jaren werkte hij in Haarlem en onderging hij invloed van de Haarlemse maniëristen, wier snelle, levendige tekenstijl zich in deze tekening laat herkennen. Mogelijk liet Pietersz zich voor de houding van Mercurius inspireren door de grote, staande duivel links op het schilderij De val van de opstandige engelen van Cornelis van Haarlem, in wiens atelier hij in de jaren 1587-1589 werkzaam was. Pietersz zal dit schilderij, dat dateert van omstreeks 1588, in het atelier van Van Haarlem gezien hebben of bij de eerste eigenaar, Jacob Rauwert in Amsterdam, met wie hij volgens Karel van Mander contact onderhield.3

Een tweede aanwijzing voor de datering van de tekening is dat Pietersz zijn collega Adam van Vianen als ‘Jongman’ (vrijgezel) betitelt. De edelsmid trouwde in 1593 en zal daarna niet meer zo aangeduid zijn. In 1591 vestigde Van Vianen zich als zelfstandig meester. Volgens Van Thiel was dit wellicht aanleiding voor Pietersz om zijn collega met deze Mercurius te feliciteren.4 Een andere mogelijkheid is dat Pietersz de tekening stuurde ter gelegenheid van Vianens op handen zijnde huwelijk. Is de brief wellicht daarom expliciet aan de ‘Jongman’ Van Vianen geadresseerd, als verwijzing naar de status die hij nog maar kort zou behouden?

Wat de reden voor het schrijven ook geweest is, Mercurius was als boodschapper van de goden en als schrandere god van de rede, welsprekendheid en kunst, uitermate geschikt om een vriendschappelijke groet aan een collega-kunstenaar over te brengen. Wat Pietersz wilde zeggen met inde engelen/ banck  leijden is niet geheel duidelijk, maar hoogstwaarschijnlijk sprak hij ermee de wens uit dat deze Mercurius Adam van Vianen zoveel geluk zou brengen, dat hij zich in de hoogste regionen, dichtbij de engelen zou wanen. De anonieme Duitser die het latere opschrift op de tekening aanbracht, interpreteerde dit als wens dat Mercurius de zilversmid naar Celaeno zou brengen, één van de zeven dochters van Atlas (de Pleiaden) die door de goden als sterren aan de hemel waren geplaatst.5

Zestiende- en zeventiende-eeuwse tekeningen die als brief verstuurd zijn, zijn zeldzaam. Bekend is dat Bartholomeus Spranger vanuit Praag getekende prentenontwerpen naar Haarlem zond om deze door Hendrick Goltzius of Jan Muller te laten graveren.6 In dat geval gaat het dus om ‘werktekeningen’ die om praktische redenen verstuurd werden. Hetzelfde geldt waarschijnlijk voor een getekende studie van een zittende jongeman (ca. 1645-1650), die Cornelis Saftleven omstreeks het midden van de zeventiende eeuw opgevouwen als brief en voorzien van een adres aan zijn broer Herman Saftleven stuurde.7 Ook kunstenaarsbrieven uit de zestiende en zeventiende eeuw voorzien van tekeningen zijn uitzonderlijk. Bekend is een brief met een portrettekening van Jacques de Gheyn II, die hij op 3 maart 1592 stuurde naar de ons onbekende Isebrant Willemsen.8 Twee brieven van Hendrick Goltzius uit 1605, gericht aan de Amsterdamse goudsmid Hans van Weely, zijn beide voorzien van tekeningetjes in de marge.9

Tekeningen die een kunstenaar aan een collega cadeau gaf, vergelijkbaar met deze Mercurius zijn eveneens uitzonderlijk. Een van de zeldzame voorbeelden is een tekening van de Duitse kunstenaar Hans von Aachen, die is voorzien van de datum 25 september 1585 en van een inscriptie waaruit blijkt dat hij op die dag in Venetië het blad presenteerde aan zijn goede vriend de schilder Hans Holtzmayr.10

Notes

1 Zie daarvoor Ter Molen 1984, dl. 1, p. 31.

2 Utrecht 1984, nr. 128, als vóór 1593; Robinson in Washington/New York 1986, nr. 95, als in 1593 of daarvoor; Van Thiel 1987, p. 367 (n. 16), als ca. 1592; Amsterdam 1993, nr. 37, als ca. 1588-1592.

3 Van Thiel 1999, p. 168. Het schilderij bevindt zich in Kopenhagen, Statens Museum for Kunst, zie Van Thiel 1999, nr. 87. Volgens Van Mander kwam Pietersz in het atelier van Van Haarlem op voorspraak van Jacob Rauwert, zie Van Mander 1604 (editie Miedema), fol. 293v).

4 Van Thiel in Amsterdam 1993, nr. 37. Deze suggestie is overgenomen door Van der Sman in Florence 2000, nr. 51.

5 Van Thiel in Amsterdam 1993, nr. 37.

6 Leeflang 2008.

7 Zwollo 1987. De tekening bevindt in een Nederlandse particuliere verzameling.

8 Van Regteren Altena 1983, dl. II, nr. 685, dl. III, pl. 8. De tekening is gevouwen en voorzien van een adres om als brief verstuurd te kunnen worden.

9 Rezcnicek 1961, nrs. K. 293-294, pl. 396-397; Boon 1978, nrs. 281-282; Amsterdam/New York/Toledo 2003, nr. 91. Zie ook Reznicek 1961, nr. 328, pl. 398.

10 Frankfurt, Städel Museum, inv.nr. 14 268, see Aachen/Prague/Vienna 2010, nr. 9.

Show all notes Hide notes

All about the maker

Gerrit Pietersz.

Amsterdam 1566 - ná 1608